Een nat lijf vol doucheschuim, dat roept meteen een beeld op

Onder douche sta ik te tobben. Ik zoek mijn fles doucheschuim tussen de andere honderdtwintig flessen en tubes die er staan. Het is om gek van te worden, zonder bril is het voor mij tegenwoordig niet meer te doen. Ik weet wel meteen waar mijn volgende blog over zal gaan want die bril dat is tegenwoordig echt wel een dingetje hoor. Maar al schrijvende ging het ineens een hele andere kant op want zo’n nat lijf vol doucheschuim dat roept meteen allerlei beelden op.

Aangezien ik de vijftig ben gepasseerd mag ik dus schaamteloos over vroeger praten. Vroeger dus toen ik samen met mijn ouders en broertje op een flat woonden. Een flat dus want zo noemde je een appartement destijds. Hip was het al helemaal niet zo’n flat, vierhoog achter. Enorme betonblokken die, vanwege de woningnood in onze kapot gebombardeerde stad, uit de grond waren gestampt. We hadden een trappenhuis in plaats van een lift. Zo’n troosteloze brede betonnen trap en in de centrale hal, of wat daar voor door moest gaan, een rijtje brievenbussen. Onderin waren de kelderboxen waar je fiets stond. Wilde je met je fiets naar buiten, moest je die dus eerst een trap omhoog sjouwen. Zo’n flat dus. Zonder badkamer of douche ook want daar deden ze toen nog niet aan.

Even terug naar die badkamer, die er dus niet was. In die tijd was het niet ongebruikelijk om je te wassen in de keuken, douchen dat was een luxe voor de rijke mensen en daar hoorden wij absoluut niet bij. Het wekelijkse badritueel vond doorgaans plaats in een tobbe en als je daar te groot voor werd kon je naar het badhuis.

Wij hadden het thuis niet breed maar ik had wel een innovatieve vader. Een handige Harry zeg maar. Hij had het kolenhok op het balkon dicht gemaakt, de buitenmuur doorgebroken en van de ruimte die toen ontstond een ieniemienie badkamertje gemaakt. Het was eigenlijk een royale kast met een betonnen lavet van muur tot muur, een plastic handdouche en een nis voor de wasmachine, waar je kleding en je handdoek bovenop kon leggen zodat ze nog enigszins droog bleven tijdens het douchen.

Het hele gezin deed met dezelfde fles appeltjes shampoo. Nat washandje over je ogen tegen het prikken in je ogen. We hadden ook een fles tjoeptjoep spul, wat vast niet de originele benaming is geweest maar zo herinner ik het me. Dat tjoeptjoep spul was me toch een luxe. Het was vloeibare zeep. Vloeibaar! Echt zo bijzonder. Je deed een beetje op een spons en dan schuimde het als een malle. Heerlijk vond ik dat, wassen met een spons en al dat doucheschuim.

Kijk je had in die tijd nog geen wasverzachter, laat staan een wasdroger dus je washandje en handdoek waren verre van zacht en fluffy. Sterker nog, mijn moeder had echt geen bodyscrub nodig in die jaren, die had aan een washandje al genoeg. Elke dode huidcel die de wekelijkse schrobbeurt had weten te overleven was na het afdrogen alsnog verdwenen. Zo’n zachte spons vol doucheschuim was dus echte rijkdom voor mij.

Het meisje van toen had nooit kunnen bedenken dat ze ooit een badkamer zou hebben die groter was dan de woonkamer van toen. Een badkamer met twee losse wastafels, een toilet, bidet, inloopdouche, een drie-persoons bad en een sauna. Een badkamer waar zoveel flesjes, tubes en potjes staan dat de gemiddelde drogisterij er jaloers op zou worden.

Maar met al die overdaad aan luxe geniet dat meisje van toen nog altijd het meest van een warme douche en tjoeptjoep spul dat schuimt als een malle. Als ze tenminste die fles doucheschuim weet te vinden.

0 0 stem
Artikelbeoordeling
Inschrijven
Abonneren op
guest
3 Reacties
nieuwste
oudste meest gestemd
Inline Feedbacks
Bekijk alle reacties
3
0
Ik hoor graag wat je ervan vindt, laat van je horenx
()
x
%d bloggers liken dit: